Huisdierrijk

Veel likken of kauwen: stress, verveling of iets medisch?

"Hij likt zo veel" is drie verschillende problemen onder één naam, en dat onderscheid bepaalt waar je begint. Likt hij zichzelf op één plek, dan zit de oorzaak meestal in de huid of in pijn. Likt hij oppervlakken — de vloer, de bank, de lucht — dan is er onderzoek dat verrassend duidelijk is: bij veertien van negentien honden met dat gedrag werd een maag-darmaandoening gevonden. Likt hij jou, dan is dat meestal gewoon sociaal gedrag. Dit artikel helpt je eerst bepalen welke van de drie je ziet, en zet daarna de aanpak in de juiste volgorde: eerst medisch, dan gedrag.

📌 In dit artikel leer je:

  • De drie soorten likken die je niet door elkaar mag halen, en wat elk ervan betekent
  • Waarom oppervlakken likken bijna altijd een maag-darmonderzoek verdient, met het onderzoek erachter
  • Wat de plek waar hij likt je vertelt over de oorzaak, van poot tot flank
  • Welke vragen je de dierenarts meegeeft, zodat je niet met "het is stress" naar huis gaat
  • Welk populair advies bij een likkende hond juist gevaarlijk is
Diercategorie Honden
Niveau Beginnend baasje
Type artikel Uitleg
Gericht op honden Honden die zichzelf of oppervlakken likken

Drie soorten likken die je niet door elkaar moet halen

Dit is de belangrijkste sectie van het artikel, en hij staat vooraan met een reden: bijna alle verkeerde aanpakken beginnen met het samenvoegen van gedrag dat niets met elkaar te maken heeft. Een hond die zijn poot kaal likt en een hond die de bank likt, hebben twee verschillende problemen. Kijk daarom eerst naar wat hij likt.

Wat je hond likt, bepaalt waar je begint.
Wat hij likt Hoe het heet Wat het meestal betekent Eerste stap
Zichzelf, langdurig op één plek — poot, voorpootgewricht, flank, lies Zelfgericht likken, bij schade een likgranuloom Huidprobleem, allergie, pijn of een gewricht daaronder Dierenarts: huid, allergie, pijn en gewrichten laten nakijken
Oppervlakken — vloer, tapijt, muur, bank, de lucht Excessief oppervlakken likken (ELS) Opvallend vaak een maag-darmaandoening; zie de volgende sectie Dierenarts, met een gericht maag-darmonderzoek
Jou of andere mensen Sociaal likken Meestal normaal contactgedrag; soms aandacht vragen Geen actie nodig, tenzij het dwingend wordt
Kort de lippen of de neus, zonder dat er iets te likken valt Oraal stresssignaal Spanning op dat moment — een signaal, geen aandoening De situatie lezen en aanpassen, niet de hond
Kauwen op voorwerpen — schoenen, meubels, kabels Destructief kauwen Kauwbehoefte, verveling of scheidingsstress: een ander onderwerp Zie mijn hond sloopt dingen

Let op de laatste rij. De titel van dit artikel noemt kauwen, maar dat woord dekt twee dingen: kauwen op zichzelf (poten, flank — dat hoort bij rij één) en kauwen op spullen (een compleet ander probleem). Alles wat hierna volgt gaat over likken en kauwen aan het eigen lijf en aan oppervlakken.

Wanneer is likken nog normaal?

Normaal likken is kort, gericht en heeft een aanleiding: zijn poten na een natte wandeling, zijn vacht na het eten, een kleine wond. Het stopt van het één op het andere moment omdat het klaar is, en je kunt hem er makkelijk van afleiden met zijn naam of een bal.

Zorgwekkend wordt het bij een combinatie van deze kenmerken: het is steeds dezelfde plek, het is moeilijk te onderbreken, hij gaat er direct mee door als je stopt met afleiden, het gaat door terwijl hij verder ontspannen ligt, en er is zichtbare schade — vochtige vacht, rode huid, kale plekken of een verdikking. Eén van die kenmerken kan toeval zijn; drie samen is een reden om een afspraak te maken.

💡 Meet het, want "veel" zegt niets in de wachtkamerHoud een week bij en neem dat mee naar de dierenarts. Noteer per keer: datum en tijd, wat hij likte (welke plek of welk oppervlak), hoe lang in minuten, wat er vlak daarvoor gebeurde, en of je hem kon onderbreken. Film daarnaast één sessie van een minuut. Een logboek van een week met tijden erin verandert het gesprek van "hij likt veel" naar "twaalf keer per dag, gemiddeld vier minuten, altijd de linkervoorpoot, meestal na het eten" — en dat laatste is een aanwijzing waar een dierenarts iets mee kan.

Oppervlakken likken: het onderzoek dat dit onderwerp veranderde

Als je hond de vloer, het tapijt, de bank, de muur of zelfs de lucht likt, is er één onderzoek dat je moet kennen — en dat in vrijwel geen enkel Nederlands artikel over dit onderwerp staat.

🔬 Bij veertien van negentien honden bleek het de maag of darm te zijnBécuwe-Bonnet en collega's onderzochten in 2012 (Journal of Veterinary Behavior) negentien honden die opvallend veel oppervlakken likten, naast tien gezonde controlehonden. Alle honden kregen een volledig onderzoek: lichamelijk en neurologisch onderzoek, echografie van de buik, endoscopie en biopten van maag en twaalfvingerige darm.

Bij veertien van de negentien honden werd een maag-darmaandoening vastgesteld. Onder de bevindingen zaten lymfocytair-plasmacytaire infiltratie van het darmslijmvlies, chronische pancreatitis en bij één hond een vreemd lichaam in de maag. Na behandeling van die aandoening nam het likken bij tien van de zeventien honden die het traject afmaakten duidelijk af in frequentie en duur, en verdween het bij negen van hen volledig.

De conclusie van de auteurs is precies waarom dit artikel zo is opgebouwd: bij honden die oppervlakken likken, hoort een maag-darmonderzoek vóórdat je aanneemt dat het een gedragsprobleem is.

Dit betekent niet dat oppervlakken likken altijd de maag is. Het betekent wel dat "hij doet het uit stress" de duurste aanname is die je kunt maken, omdat je dan maanden aan de omgeving werkt terwijl er een behandelbare aandoening onder zit. En het verklaart waarom dit gedrag vaak wél tijdelijk verdwijnt na afleiding maar altijd terugkomt.

Hoe ELS eruitziet in de praktijk

  • Hij likt herhaaldelijk de vloer, een tapijt, de bank, een muur of een tafelpoot, zonder dat er iets op zit
  • Hij likt in de lucht, alsof hij iets van zijn lippen probeert te halen
  • Hij smakt, slikt veel of laat een klokkend geluid horen
  • Het gebeurt vaker rond de maaltijden, of juist op een lege maag in de ochtend
  • Hij eet gras of andere niet-voedselzaken erbij
  • Hij is er slecht van af te leiden en begint opnieuw zodra je wegkijkt

Twee of meer van deze punten samen, en het gesprek met je dierenarts hoort over de maag en darm te gaan.

💡 Wat je concreet vraagt bij de dierenartsVraag niet om "iets tegen het likken", maar noem het gedrag en de vraag erachter: "Hij likt herhaaldelijk oppervlakken. Ik heb gelezen dat dat vaak samenhangt met maag-darmproblemen — kunnen we die kant onderzoeken?" Het onderzoek in de studie bestond onder meer uit ontlastingsonderzoek, galzuurmetingen voor en na het eten, een test op pancreasontsteking (cPLI), echografie van de buik, en indien nodig endoscopie met biopten. Niet elke hond heeft dat hele traject nodig, maar het helpt om te weten wat er bestaat, zodat je niet met "het is gedrag" naar huis gaat zonder dat er gekeken is.

Zichzelf likken: van jeuk naar een likgranuloom

Bij likken aan het eigen lijf is de vraag niet zozeer waarom hij likt, maar wat er onder die huid zit. In de meeste gevallen begint het met iets dat jeukt of pijn doet, en houdt het likken zichzelf daarna in stand.

Atopische dermatitis: de grootste post

Allergische huidontsteking is verrassend gewoon. Volgens het Riney Canine Health Center van Cornell University treft atopische dermatitis mogelijk 10 tot 15 procent van de hondenpopulatie. De klachten beginnen bij aangedane honden meestal tussen een half jaar en drie jaar oud, en de jeuk heeft in 40 tot 75 procent van de gevallen een seizoenscomponent, die later kan overgaan in klachten het hele jaar door.

Het klassieke beeld is precies wat veel baasjes als "gedrag" lezen: likken en kauwen aan de voeten, krabben achter de elleboog, met het gezicht over de bank wrijven en met de achterhand schuiven. Uitslag komt vaak op de buik, achter de voorbenen en rond de staartbasis. Rassen die vaker worden genoemd zijn onder andere labrador en golden retriever, west highland white terrier, jack russell, bulldog, boston terrier, boxer, shar pei, shih tzu en weimaraner.

Met een kans van één op zeven tot één op tien op deze aandoening alleen al, is "eerst de huid laten nakijken" bij een hond die zijn poten likt geen overdreven voorzichtigheid maar de logische eerste stap. Meer over jeuk, hotspots en allergieën staat in ons artikel over huid- en vachtproblemen bij honden.

Het likgranuloom en waarom het niet stopt

Blijft een hond lang op dezelfde plek likken, dan kan er een likgranuloom ontstaan: een verdikte, kale, vaak rode en soms open plek. Volgens VCA Animal Hospitals zit die het vaakst op de onderste ledematen, en dan met name bij het voorpootgewricht. Middelgrote tot grote rassen zijn gevoeliger, met dobermann, duitse dog, labrador, weimaraner, golden retriever en boxer als voorbeelden.

⚠️ De cyclus die het probleem in stand houdtHet likken begint vaak met iets kleins — een insectenbeet, een allergische reactie, gewrichtspijn eronder. Maar zodra de huid beschadigd is, ontstaat een cyclus van zelfbeschadiging, ontsteking en infectie: de schade veroorzaakt irritatie, de irritatie lokt likken uit, en het likken vergroot de schade. Dat is waarom "wachten tot het overgaat" hier niet werkt, en waarom de oorspronkelijke oorzaak op een gegeven moment niet meer het hele verhaal is.

De meeste honden hebben daarom behandeling nodig die alle drie de kanten aanpakt: de ontsteking, de eventuele infectie én de gedrags- of spanningscomponent. Alleen een kap omdoen stopt de schade tijdelijk maar behandelt niets.

Pijn: de oorzaak die het vaakst wordt overgeslagen

Een hond kan een plek likken omdat het daaronder pijn doet, niet omdat de huid zelf iets heeft. Een overzichtsartikel van Mills en collega's in Animals (2020) bracht in kaart hoe vaak pijn meespeelt bij honden die voor gedragsproblemen worden doorverwezen: oudere schattingen liepen van 5 via 12 naar 23 procent, terwijl de auteurs zelf conservatief op ongeveer een derde komen en stellen dat het tot bijna 80 procent kan lopen. Datzelfde artikel noemt overmatig likken van oppervlakken expliciet als een van de gedragingen die pijn kan veroorzaken, naast destructief gedrag en pica.

Praktisch betekent dat: laat bij eenzijdig likken altijd het gewricht of de wervelkolom onder die plek meenemen in het onderzoek. Een hond die alleen de rechtervoorpoot likt, verdient een blik op die elleboog en schouder.

Waar hij likt en wat de dierenarts daar kan uitsluiten.
Plek Wat daar vaak achter zit Waar je om kunt vragen
Tussen de tenen, voetzolen Allergie, schimmel of gist, grasaren, contactirritatie van strooizout of schoonmaakmiddel Huidonderzoek, uitstrijkje, allergieonderzoek, nakijken tussen de tenen
Voorpootgewricht (carpus) Klassieke plek voor een likgranuloom; vaak gewrichtspijn of een oude irritatie eronder Gewrichtsonderzoek, eventueel röntgen; beoordeling van de wond
Eén poot, altijd dezelfde Pijn in dat been: elleboog, schouder, knie, of een zenuwprobleem Orthopedisch en neurologisch nazicht van dat been
Flank of zij Huidprobleem, of bij bepaalde rassen flanksabbelen als compulsief gedrag Huidonderzoek eerst; daarna gedragsbeoordeling
Lies, anaalstreek, staartbasis Volle anaalklieren, wormen, vlooienallergie, urineweg- of blaasklachten Anaalklieren controleren, ontlastings- en urineonderzoek
Rug of lendenstreek Vlooienallergie (klassiek bij de staartbasis) of rugklachten Vachtcontrole op vlooien, rugonderzoek

Wanneer het wél gedrag is: compulsief likken

Compulsief gedrag bestaat echt, maar het is een diagnose die je stelt aan het eind van een traject en niet aan het begin. De kenmerken: het gedrag is losgeraakt van de oorspronkelijke aanleiding, het is repetitief en vast in vorm, het is moeilijk te onderbreken, het gaat ten koste van andere bezigheden, en het blijft bestaan nadat de medische oorzaken zijn behandeld. Die laatste voorwaarde is de belangrijkste.

🔬 Er zit ook genetica inOnderzoekers van Tufts University en de University of Massachusetts Medical School identificeerden een locus op chromosoom 7, bij het gen CDH2, die samenhangt met compulsief gedrag bij honden — het eerste genetische aanknopingspunt voor een compulsieve stoornis bij dieren. Het onderzoek keek naar flanksabbelen en dekensabbelen bij dobermanns, een ras dat hier samen met de bulterriër gevoelig voor is. Van de honden met meerdere compulsieve gedragingen had 60 procent het risico-DNA, tegenover 43 procent bij de mildere vorm en 22 procent bij niet-aangedane honden. De bevindingen werden gepubliceerd in Molecular Psychiatry.

Dat is nuttige context als je een dobermann of bulterriër hebt die aan zijn flank sabbelt: het is dan eerder een aandoening met een erfelijke component dan een opvoedkwestie. Maar het verandert de volgorde niet. Ook bij een ras met verhoogd risico geldt dat de studie naar oppervlakken likken bij veertien van negentien honden een lichamelijke oorzaak vond — dus ook daar begin je met medisch onderzoek.

⚠️ "Het is stress" is een conclusie, niet een startpuntDe meest gemaakte fout bij dit onderwerp is dat stress als verklaring wordt aangenomen omdat het gedrag op stressgedrag lijkt. Dat is begrijpelijk — likken kan bij een hond samenhangen met spanning — maar het is geen diagnose die je op het oog kunt stellen. Stress wordt pas de werkhypothese wanneer huid, allergie, pijn en maag-darm zijn nagekeken en er niets is gevonden, of wanneer de gevonden aandoening behandeld is en het likken blijft.

Omgekeerd geldt het ook: als er wél iets medisch gevonden wordt, sluit dat een spanningscomponent niet uit. Bij een likgranuloom is behandeling van ontsteking, infectie én de gedragskant meestal nodig om het op te lossen.

Wat likken wél over spanning zegt

Om te voorkomen dat je nu élke tongbeweging als alarm leest: er is een vorm van likken die echt een stresssignaal is, en die ziet er anders uit dan wat hierboven staat.

In het klassieke onderzoek van Beerda en collega's (1998) namen orale gedragingen — lippen en snuit likken, slikken, smakken — significant toe bij honden die aan stressvolle prikkels werden blootgesteld, samen met gapen, het lijf uitschudden en snuffelen. Dat gaat over kórte bewegingen op het moment van spanning, niet over minuten aan één plek likken. Het is informatie over de situatie, niet over de hond.

Nog specifieker: onderzoek van Albuquerque en Mills in Behavioural Processes (2018) liet zien dat honden vaker hun mond likken bij het zien van een negatieve mensélijke gezichtsuitdrukking, dat dit door het beeld alleen werd uitgelokt zonder bijbehorend geluid, en dat ze het vaker deden bij mensengezichten dan bij hondengezichten. De onderzoekers concluderen dat mondlikken werkt als een visueel signaal dat specifiek op mensen is gericht. Met andere woorden: als je hond zijn lippen likt terwijl jij met een strenge blik tegen hem praat, reageert hij op jouw gezicht.

Stresssignaal of aandoening? Twee heel verschillende beelden.
Kenmerk Oraal stresssignaal Problematisch likken
Duur Een halve seconde tot een paar seconden Minuten achtereen, herhaald over de dag
Wat er gelikt wordt De eigen lippen of neus, in de lucht Een vaste plek op het lijf, of oppervlakken in huis
Aanleiding Duidelijk gekoppeld aan iets: bezoek, een andere hond, jouw stem Geen zichtbare aanleiding, of juist rond de maaltijden
Af te leiden? Stopt zodra de situatie verandert Begint opnieuw zodra je wegkijkt
Schade Geen Vochtige vacht, rode huid, kale plek, verdikking
Wat je doet De situatie aanpassen; zie de vier niveaus in ons artikel over lichaamstaal Een afspraak maken bij de dierenarts

Hoe je die korte signalen leest en op welk niveau je moet ingrijpen, staat uitgebreid in overprikkeling en stress: zo lees je de lichaamstaal. Likt je hond vooral jóu en vraag je je af wat dat betekent, dan gaat waarom likt mijn hond mij steeds daarover.

Aanpak: in welke volgorde

De volgorde is hier belangrijker dan de afzonderlijke stappen, omdat stap vier niet werkt zolang stap één is overgeslagen.

  1. Leg vast wat je ziet. Een week logboek met plek, duur, tijdstip en aanleiding, plus één filmpje. Dit is je belangrijkste gereedschap en het kost je niets.
  2. Ga naar de dierenarts met het gedrag benoemd. Zeg wat hij likt en wat je vermoedt, en vraag expliciet om de kant die bij zijn gedrag hoort: huid, allergie en pijn bij zelfgericht likken; maag en darm bij oppervlakken likken.
  3. Behandel wat er gevonden wordt, en geef het tijd. In de studie naar oppervlakken likken verdween het gedrag bij negen van de zeventien honden volledig na behandeling van de maag-darmaandoening. Dat gebeurt niet in twee dagen.
  4. Doorbreek intussen de schade, niet het gedrag. Een hondenshirt, een verband of een kap houdt de wond dicht terwijl die geneest — in overleg met je dierenarts en als tijdelijke maatregel, niet als oplossing.
  5. Werk daarna aan bezigheid, rust en routine. Pas als het medische deel loopt, heeft dit zin. Wat er dan werkt, staat hieronder.
  6. Meet of het werkt. Vergelijk je logboek van twee weken met de twee weken ervoor; zie de criteria verderop.

Bezigheid en rust, als het gedrag overblijft

Wanneer het medische deel is afgehandeld en er een gedragscomponent overblijft — of wanneer verveling duidelijk meespeelt — zijn dit de knoppen die werken:

  • Slaap eerst. Volwassen honden slapen 8 tot 13,5 uur per etmaal, met een gemiddelde van net onder de 11 uur. Een hond die daar structureel onder zit, heeft minder marge voor alles. Tel een week hoeveel uur hij werkelijk ononderbroken slaapt.
  • Voorspelbaarheid boven afwisseling. Vaste momenten voor eten, uitlaten en rust maken dat hij niet de hele dag hoeft op te letten wat er komt.
  • Mentale bezigheid op vaste momenten. Zoekwerk, een voerpuzzel of een kauwmoment, aangeboden vóór de momenten waarop het likken meestal begint. Ideeën staan bij hondenspel en denkspelletjes en speelgoed voor honden kiezen.
  • Een rustplek die echt rust is. Eén plek waar niemand langsloopt en waar hij met rust gelaten wordt.
  • Afleiden in plaats van verbieden. Roep hem, geef hem iets te doen, en beloon dat hij ermee bezig is. Verbieden werkt niet en verhoogt de spanning.

Speelt alleen zijn een rol, dan is een opbouwschema de betere ingang: zie leren alleen blijven, of bij duidelijke paniek bij vertrek verlatingsangst bij honden. Gaat het breder om onzekerheid, dan helpt angstig gedrag bij honden.

⚠️ Geen aromatherapie of etherische-oliediffuser bij een likkende hondDit advies circuleert breed als "rustgevend" en het is bij deze hond juist een slecht idee. Volgens de Merck Veterinary Manual verspreidt een actieve diffuser microdruppels die op de vacht neerslaan, waarna het dier ze bij het poetsen binnenkrijgt. Een hond die zijn vacht al urenlang likt, is dus precies het dier dat de hoogste inname krijgt.

Een aantal oliën is bij honden levertoxisch, waaronder berkenteer, cassia, kaneel, pennyroyal en theeboom (melaleuca). Andere kunnen toevallen uitlokken, zoals berk, ceder, eucalyptus, hysop, salie, wintergroen en absint. Symptomen bij inname of huidcontact zijn onder meer braken, lusteloosheid, kwijlen, coördinatieverlies en niet willen eten, en bij ernstiger vergiftiging trillen, een lage bloeddruk, een lage hartslag en ondertemperatuur. Breng nooit onverdunde etherische olie op een hond aan, en zet de diffuser uit in ruimtes waar je hond komt. Wil je iets rustgevends: een vaste routine, een afgeschermde slaapplek en minder prikkels doen meer, zonder risico.

Meten of het werkt

Vergelijk twee weken met de twee weken daarvoor.
Wat je meet Dit wil je zien Dit betekent terug naar de dierenarts
Aantal liksessies per dag Daalt, ook als het niet naar nul gaat Gelijk of hoger na behandeling van de gevonden oorzaak
Duur per sessie Korter: van vijf minuten naar één Langer, of hij likt door tot er vocht of bloed aan zit
Staat van de huid Vacht groeit terug, roodheid neemt af, geen nieuwe plekken Nieuwe plekken, een verdikking, een open of ruikende wond
Is hij af te leiden Reageert op zijn naam en gaat over op iets anders Niet te onderbreken, of begint direct opnieuw
Aantal plekken Blijft beperkt tot de oorspronkelijke plek Breidt uit naar een tweede of derde plek
Bij oppervlakken likken: het patroon Minder vaak rond de maaltijden, minder smakken en slikken Onveranderd, of er komen braken, diarree of gewichtsverlies bij

Wanneer je naar wie gaat

🚨 Bel dezelfde dag een dierenarts bij

  • Een open, vochtige, ruikende of snel groeiende plek, of een wond die bloedt
  • Een verdikking of zwelling op de plek waar hij likt
  • Kreupelheid, of niet meer op het been willen staan dat hij likt
  • Braken, diarree, niet willen eten of duidelijke buikpijn naast het oppervlakken likken
  • Likken dat in enkele dagen sterk is toegenomen bij een hond die het nooit deed
  • Bijten of grommen als je bij de plek komt: dat wijst op pijn

Wacht bij deze signalen niet op een gedragsplan. Een likgranuloom dat infecteert en een darmaandoening die verergert, hebben beide een medische behandeling nodig.

Naar de dierenarts, in alle andere gevallen eerst

De drempel mag laag liggen. Maak een afspraak als het likken meer dan een paar dagen aanhoudt, als je een vaste plek ziet, als er iets aan de huid verandert of als je hond oppervlakken likt. Neem je logboek en het filmpje mee. Vraag bij eenzijdig likken expliciet om aandacht voor het gewricht of de wervelkolom onder die plek.

Naar een gedragstherapeut

  • De medische oorzaken zijn onderzocht en behandeld, en het likken blijft in dezelfde mate bestaan
  • Het gedrag gaat ten koste van andere dingen: hij eet, speelt of slaapt er minder door
  • Je kunt hem er nauwelijks van afleiden, ook niet met iets wat hij normaal geweldig vindt
  • Het begint duidelijk in vaste situaties: bij vertrek, bij bezoek, bij geluid
  • Er zijn andere repetitieve gedragingen bij, zoals ijsberen, achter de staart aanjagen of in de lucht happen

Kies iemand die met belonen werkt, die vraagt wat de dierenarts heeft gevonden, en die met de dierenarts wil overleggen. Bij compulsief gedrag hoort medicatie soms bij het plan; dat is een beslissing van je dierenarts of een dierenarts-gedragsdeskundige, niet van een trainer. De titel "hondentrainer" is in Nederland niet beschermd, dus vraag vooraf naar opleiding en werkwijze.

Preventie, voor zover die bestaat

Je kunt atopische dermatitis en pijn niet voorkomen door goed op te voeden. Wat je wél kunt: het vroeg opmerken. Voel je hond regelmatig na — poten en tussen de tenen, oksels, oren, lies — zodat je een rode plek ziet voordat er een kale plek is. Controleer na wandelingen in hoog gras of tussen de tenen niets zit. Houd de vachtcontrole op vlooien bij, omdat vlooienallergie een klassieke oorzaak van likken bij de staartbasis is. En let op de combinatie van een goed rantsoen en regelmatige controles: veranderingen in gedrag zijn vaak het eerste dat je van ongemak merkt. Over rantsoen en keuzes daarin gaat gezonde voeding voor honden.

Bronnen

Per bron staat waarvoor die in dit artikel is gebruikt. Alle cijfers en medische gegevens komen uit deze bronnen; de praktische uitwerking is daarop gebaseerd en aangevuld met veelgestelde vragen van lezers.

Laatst gecontroleerd: 28 september 2026

Wil je meer weten over een rustige, blije hond in huis? Ontdek onze andere gidsen over gedrag, stress en het herkennen van signalen bij je hond.

Artikel samenvatting

"Veel likken" is drie dingen onder één naam, en wat je hond likt bepaalt waar je begint. Likt hij oppervlakken — de vloer, de bank, de lucht — dan hoort daar een maag-darmonderzoek bij: in het onderzoek van Bécuwe-Bonnet en collega's werd bij veertien van negentien honden met dat gedrag een maag-darmaandoening gevonden, en na behandeling verdween het likken bij negen van de zeventien honden die het traject afmaakten volledig. Likt hij zichzelf op één vaste plek, dan zit de oorzaak meestal in de huid of in pijn eronder; atopische dermatitis alleen al treft mogelijk 10 tot 15 procent van de honden, met likken en kauwen aan de voeten als klassiek beeld. Ontstaat er een likgranuloom, dan houdt de cyclus van zelfbeschadiging, ontsteking en infectie het gedrag in stand, en is behandeling van alle drie de componenten nodig. Likt hij jou, dan is dat meestal normaal. Korte lik- en slikbewegingen zijn een stresssignaal over de situatie, niet over de hond — iets heel anders dan minuten aan één plek likken. Stress is dus een conclusie aan het eind van het traject, niet een startpunt. Eén populair advies is bij deze hond juist schadelijk: een etherische-oliediffuser laat microdruppels op de vacht neerslaan die er vervolgens af gelikt worden, en verschillende oliën zijn bij honden levertoxisch of kunnen toevallen uitlokken.

Veelgestelde vragen

Normaal likken is kort, heeft een aanleiding en stopt vanzelf: zijn poten na een natte wandeling, zijn vacht na het eten. Kijk naar een combinatie van vijf kenmerken om te bepalen of het te veel is: is het steeds dezelfde plek, is het moeilijk te onderbreken, gaat hij direct door als je stopt met afleiden, gebeurt het terwijl hij verder ontspannen ligt, en is er zichtbare schade zoals vochtige vacht, rode huid of een kale plek? Eén kenmerk kan toeval zijn; drie samen is een reden om een afspraak te maken. Houd een week bij hoe vaak en hoe lang, want "veel" zegt niets in de wachtkamer.

Dat verdient een maag-darmonderzoek, en dat is geen voorzichtigheid maar wat het onderzoek aanraadt. Bécuwe-Bonnet en collega's onderzochten negentien honden die opvallend veel oppervlakken likten, naast tien gezonde controlehonden. Bij veertien van de negentien werd een maag-darmaandoening vastgesteld, waaronder lymfocytair-plasmacytaire infiltratie van het darmslijmvlies, chronische pancreatitis en bij één hond een vreemd lichaam in de maag.

Na behandeling van die aandoening nam het likken bij tien van de zeventien honden die het traject afmaakten duidelijk af, en verdween het bij negen volledig. De conclusie van de auteurs: onderzoek eerst de maag en darm voordat je aanneemt dat het gedrag is. Let ook op bijkomende signalen: smakken, veel slikken, gras eten, en of het vaker rond de maaltijden gebeurt.

Pootlikken is het klassieke beeld van een allergische huidontsteking. Atopische dermatitis treft mogelijk 10 tot 15 procent van de hondenpopulatie, begint bij aangedane honden meestal tussen een half jaar en drie jaar oud, en heeft in 40 tot 75 procent van de gevallen een seizoenscomponent. Het bijbehorende beeld is likken en kauwen aan de voeten, krabben achter de elleboog, met het gezicht wrijven en uitslag op de buik, achter de voorbenen en rond de staartbasis.

Andere mogelijkheden bij pootlikken zijn een schimmel- of gistinfectie tussen de tenen, een grasaar, contactirritatie van strooizout of schoonmaakmiddel, en pijn in dat been. Likt hij altijd dezelfde poot, laat dan ook het gewricht erboven nakijken.

Maak een afspraak als het likken meer dan een paar dagen aanhoudt, als je een vaste plek ziet, als er iets aan de huid verandert, of als je hond oppervlakken likt. Bel dezelfde dag bij een open, vochtige of ruikende plek, een verdikking, kreupelheid op het been dat hij likt, braken of diarree naast het oppervlakken likken, een sterke toename in enkele dagen, of als hij gromt of hapt wanneer je bij de plek komt — dat laatste wijst op pijn.

Neem je logboek en een filmpje mee, en vraag bij eenzijdig likken expliciet om aandacht voor het gewricht of de wervelkolom onder die plek.

Spanning kan meespelen, maar het is een conclusie aan het eind van het traject en geen startpunt. De reden is dat de medische oorzaken vaak en goed behandelbaar zijn: bij oppervlakken likken werd in onderzoek bij veertien van negentien honden een maag-darmaandoening gevonden, en atopische dermatitis treft mogelijk 10 tot 15 procent van alle honden. Ga dus pas uit van stress wanneer huid, allergie, pijn en maag-darm zijn nagekeken en er niets is gevonden, of wanneer de gevonden aandoening behandeld is en het likken blijft.

Omgekeerd sluit een medische vondst een spanningscomponent niet uit. Bij een likgranuloom is behandeling van de ontsteking, de eventuele infectie én de gedragskant meestal nodig om het echt op te lossen.

Een likgranuloom is een verdikte, kale, vaak rode en soms open plek die ontstaat door langdurig likken op dezelfde plek. Volgens VCA Animal Hospitals zit het het vaakst op de onderste ledematen, met name bij het voorpootgewricht, en zijn middelgrote tot grote rassen gevoeliger — dobermann, duitse dog, labrador, weimaraner, golden retriever en boxer worden genoemd.

Het gaat niet vanzelf weg, omdat er een cyclus op gang komt: de schade veroorzaakt irritatie, de irritatie lokt likken uit, en het likken vergroot de schade, vaak met een infectie erbij. De meeste honden hebben behandeling nodig die alle drie de kanten aanpakt: de ontsteking, de infectie en de gedrags- of spanningscomponent. Alleen een kap omdoen stopt de schade tijdelijk maar behandelt niets.

Nee, en bij juist deze hond is het extra ongunstig. Volgens de Merck Veterinary Manual verspreidt een actieve diffuser microdruppels die op de vacht neerslaan, waarna het dier ze bij het poetsen binnenkrijgt. Een hond die zijn vacht al urenlang likt, krijgt dus de hoogste inname.

Een aantal oliën is bij honden levertoxisch, waaronder berkenteer, cassia, kaneel, pennyroyal en theeboom. Andere kunnen toevallen uitlokken, zoals berk, ceder, eucalyptus, hysop, salie, wintergroen en absint. Symptomen zijn onder meer braken, lusteloosheid, kwijlen, coördinatieverlies en niet willen eten. Breng nooit onverdunde olie op je hond aan en zet de diffuser uit in ruimtes waar hij komt. Voor rust werken een vaste routine, een afgeschermde slaapplek en minder prikkels beter, zonder risico.

Nee. Als er jeuk of pijn onder zit, vraag je hem iets wat hij niet kan laten, en dan is corrigeren alleen onaangenaam. Zit er wel een gedragscomponent in, dan verhoogt straffen de spanning, wat het likken eerder versterkt. Bovendien is jouw aandacht — ook boze aandacht — voor veel honden een reactie die het gedrag bekrachtigt. Werk in plaats daarvan met afleiden en belonen: roep hem, geef hem iets te doen, en beloon dat hij daarmee bezig is. En haal ondertussen de oorzaak weg, want afleiden alleen lost niets op.

Ja, bij sommige rassen speelt genetica mee. Onderzoekers van Tufts University en de University of Massachusetts Medical School vonden een locus op chromosoom 7, bij het gen CDH2, die samenhangt met compulsief gedrag bij honden. Het onderzoek keek naar flanksabbelen en dekensabbelen bij dobermanns, een ras dat hier samen met de bulterriër gevoelig voor is: 60 procent van de honden met meerdere compulsieve gedragingen had het risico-DNA, tegenover 22 procent bij niet-aangedane honden.

Dat verandert de volgorde niet. Compulsief gedrag is een diagnose die je stelt wanneer het gedrag repetitief en vast in vorm is, moeilijk te onderbreken, ten koste gaat van andere bezigheden en blijft bestaan nadat de medische oorzaken zijn behandeld. Ook bij een ras met verhoogd risico begin je dus met de dierenarts.

Meestal niet. Likken van mensen is sociaal contactgedrag en hoort bij het normale repertoire; het wordt alleen een aandachtspunt als het dwingend wordt of als je het onprettig vindt, en dan los je het op met afleiden en belonen van iets anders in plaats van met verbieden. Let wel op één ding: korte lik- en slikbewegingen zonder dat er iets te likken valt zijn iets anders — dat is een stresssignaal over de situatie van dat moment. Onderzoek van Albuquerque en Mills liet zelfs zien dat honden vaker hun mond likken bij het zien van een negatieve menselijke gezichtsuitdrukking, dus soms reageert je hond op jouw gezicht. Meer over likken dat op jou gericht is, staat in waarom likt mijn hond mij steeds.

Afsluiting

De kortste route bij een hond die veel likt, loopt niet via gedragstips maar via één vraag: wat likt hij precies? Met dat antwoord, een week logboek en een gerichte vraag aan je dierenarts sta je binnen een paar weken verder dan met maanden proberen te kalmeren.

Scroll naar boven