Huisdierrijk

Drachtcalculator hond — werpdatum berekenen

Een hond is gemiddeld 63 dagen drachtig, gerekend vanaf de dekdatum. De normale spreiding loopt van dag 58 tot en met dag 68. Vul hieronder de dekdatum in en je krijgt direct de verwachte werpdatum, het vroegste en laatste normale moment, en alle mijlpalen ertussenin — wanneer een echo mogelijk is, wanneer je de werpkist neerzet en vanaf welke dag je de temperatuur gaat meten.

1 Vul de dekdatum in
Vul een geldige datum in (niet in de toekomst). De dag van de dekking. Bij meerdere dekkingen: gebruik de eerste datum.
Rasgrootte beïnvloedt de spreiding, niet de gemiddelde draagtijd.
Drachtberekening
—
—
vroegste geboorte
dag 58
—
verwachte werpdatum
dag 63 (gemiddeld)
—
bel dierenarts bij
dag 68 (uiterlijk)

📅 Tijdlijn — wat gebeurt er wanneer?

Hoe lang is een hond drachtig?

De draagtijd van een hond is gemiddeld 63 dagen vanaf de dekking, met een normaal bereik van 58 tot 68 dagen. Dat is korter dan bij de meeste mensen verwacht en verklaart waarom voorbereiding op tijd belangrijk is: vanaf de dekking heb je ruim negen weken.

De onzekerheid zit niet in de dracht zelf maar in de dekdatum. Een reu kan meerdere dagen achter elkaar dekken, en zaadcellen blijven in de teef enkele dagen bevruchtingsbekwaam. De werkelijke bevruchting kan dus dagen na de eerste dekking plaatsvinden. Gerekend vanaf de ovulatie is de draagtijd juist opvallend constant: ongeveer 63 dagen, met nauwelijks spreiding.

Waarom een dierenarts nauwkeuriger is dan een calculator

Deze calculator rekent vanaf de dekdatum en geeft daarom een bereik in plaats van één datum. Wil je preciezer weten wanneer je teef gaat werpen, dan is progesteronbepaling in het bloed de aangewezen route. Daarmee stelt de dierenarts het ovulatiemoment vast, en vanaf dat punt is de voorspelling aanzienlijk scherper.

Dat is vooral zinvol bij een eerste nest, bij een teef die eerder problemen had, en bij rassen waarbij een keizersnede vaker nodig is.

Verschilt de draagtijd per ras?

De gemiddelde draagtijd is bij alle rassen ongeveer gelijk: 63 dagen. Wat wél verschilt is de spreiding eromheen en het aantal pups.

← Veeg om meer te zien

RasgrootteTypische draagtijdGemiddeld nestjeAandachtspunt
Klein, tot 10 kg58–65 dagen2–5 pupsWerpen vaak iets eerder; kleine nesten kunnen juist later komen
Middelgroot, 10–25 kg60–66 dagen4–8 pupsMeest voorspelbare groep
Groot, 25–45 kg60–68 dagen6–10 pupsGrotere nesten komen doorgaans iets eerder
Reuzenras, 45 kg en meer60–68 dagen7–12 pupsGrotere kans op complicaties; plan controle vroeg in

Er is één vuistregel die vaak opgaat: hoe groter het nest, hoe eerder de bevalling. Een teef met twee pups werpt vaker aan de late kant van het bereik, een teef met tien pups eerder. Dat komt doordat de bevalling deels op gang komt door signalen vanuit de pups zelf.

De dracht dag voor dag

Onderstaand overzicht loopt van dekking tot geboorte, met per fase wat er gebeurt en wat jij doet. De calculator hierboven zet deze mijlpalen om naar concrete datums voor jouw teef.

← Veeg om meer te zien

PeriodeWat er gebeurtWat jij doet
Dag 0–14Bevruchting en innesteling. Uiterlijk niets te zien.Normaal voeren en bewegen. Geen medicatie zonder overleg.
Dag 15–20Embryo's ontwikkelen zich; hormoonspiegels stijgen.Nog geen aanpassingen nodig.
Dag 21–25Eerste zichtbare tekenen: minder eetlust, soms misselijkheid, tepels voller en roze.Kleinere maaltijden als ze minder eet. Rustig aan.
Dag 25–30Hartslagjes zichtbaar op echo.Echo laten maken — bevestigt de dracht.
Dag 30–42Buik begint zichtbaar te ronden. Pups groeien gestaag.Geleidelijk overgaan op puppyvoer of drachtvoer.
Dag 42–50Snelle groeifase; energiebehoefte loopt op.Voerportie verhogen, verdeeld over meer maaltijden.
Dag 45–50Skeletjes verkalkt en zichtbaar op röntgen.Röntgenfoto om het aantal pups te tellen.
Dag 50–55Pups zijn duidelijk voelbaar en soms zichtbaar in beweging.Werpkist neerzetten zodat ze eraan went.
Dag 55–60Nesteldrang, onrust, melkklieren zwellen op.Twee keer per dag temperatuur meten.
Dag 58–68Bevalling; temperatuurdaling 12 tot 24 uur van tevoren.Blijf in de buurt. Nummer dierenarts paraat.

Waarom die röntgenfoto rond dag 45 belangrijk is

Het aantal pups weten is geen nieuwsgierigheid maar veiligheid. Tijdens de bevalling wil je kunnen vaststellen wanneer het nest compleet is. Blijft er een pup achter, dan kan dat voor de teef levensbedreigend worden — en zonder het aantal merk je dat mogelijk pas te laat.

Vóór dag 45 zijn de skeletjes nog niet voldoende verkalkt om betrouwbaar te tellen. Een echo kan de dracht wél eerder bevestigen, maar telt onnauwkeurig.

Temperatuur meten: het beste signaal dat de bevalling begint

Dit is de betrouwbaarste voorspeller die je thuis hebt. Bij een drachtige teef daalt de lichaamstemperatuur 12 tot 24 uur vóór de bevalling merkbaar, doordat de progesteronspiegel scherp terugvalt.

← Veeg om meer te zien

Gemeten temperatuurBetekenis
38,0–39,0 °CNormaal, bevalling nog niet nabij
Daling van ongeveer 1 graadBevalling binnen 12 tot 24 uur
Onder 37,5 °CBevalling komt zeer waarschijnlijk binnen een dag
Boven 39,5 °CMogelijk infectie — dierenarts bellen

Zo doe je het

  1. Begin rond dag 55 en meet twee keer per dag op vaste tijden, bijvoorbeeld 's ochtends en 's avonds.
  2. Meet rectaal met een gewone digitale thermometer, punt ingesmeerd met vaseline, twee tot drie centimeter diep.
  3. Noteer elke meting met tijdstip. Je zoekt een daling ten opzichte van haar eigen normaalwaarde, niet een absoluut getal.
  4. Zie je die daling? Blijf in de buurt en houd het nummer van de dierenarts bij de hand.

Meet ook vóór dag 55

Meet een paar keer in week zeven, toen er nog niets aan de hand was. Dan ken je de normaalwaarde van jouw teef binnen die bandbreedte van 38 tot 39 graden, en herken je de daling meteen. Zonder die referentie weet je niet of 38,2 graden voor haar laag is of gewoon normaal.

Voeding tijdens de dracht

De grootste fout is te vroeg meer gaan voeren. Tot ongeveer dag 42 groeien de pups nauwelijks en heeft de teef vrijwel dezelfde energiebehoefte als anders. Extra voeren in die periode levert alleen overgewicht op, en dat maakt de bevalling zwaarder.

← Veeg om meer te zien

PeriodeEnergiebehoeftePraktisch
Dag 0–42NormaalGewone portie, gewoon voer
Dag 42–49Ongeveer 110–125%Overstappen op puppyvoer of drachtvoer
Dag 49–56Ongeveer 125–140%Verdelen over drie tot vier maaltijden
Laatste weekTot ongeveer 150%Kleine porties; de volle buik laat weinig ruimte
Tijdens zogen200–300%Onbeperkt puppyvoer beschikbaar houden

Gebruik puppyvoer of speciaal drachtvoer in de tweede helft: dat is energiedichter en bevat meer calcium en eiwit dan onderhoudsvoer. Zo krijgt ze meer binnen zonder dat de portie onhandelbaar groot wordt.

Geen calciumsupplementen tijdens de dracht

Extra calcium bijvoeren tijdens de dracht klinkt logisch maar werkt averechts. Het verstoort de hormonale regeling van de calciumhuishouding, waardoor de teef juist een verhoogd risico loopt op melkziekte (eclampsie) na de bevalling — een acuut levensbedreigende aandoening.

Compleet puppyvoer bevat alles wat nodig is. Geef supplementen alleen op uitdrukkelijk advies van je dierenarts.

Wanneer je de dierenarts belt

⚠ Direct bellen tijdens de bevalling bij

Meer dan 2 uur tussen twee pups terwijl er nog meer verwacht worden • hevige weeën langer dan 30 tot 60 minuten zonder dat er een pup komt • donkergroene of zwarte afscheiding vóór de eerste pup • helderrood bloedverlies • een pup die vastzit in het geboortekanaal • de teef is uitgeput, apathisch of trilt hevig.

Groene afscheiding ná de eerste pup is normaal — dat is losgekomen placentaweefsel. Vóór de eerste pup wijst het op een losgeraakte placenta en is het een spoedgeval.

Ook bellen bij

  • Nog geen bevalling na dag 68. Wacht hier niet mee; overdragen brengt risico's voor moeder en pups.
  • Bloederige of vieze afscheiding tijdens de dracht, ruim voor de uitgerekende datum.
  • Temperatuur boven 39,5 graden tijdens of na de dracht.
  • Trillen, stijfheid of spiertrekkingen na de bevalling — dit kan melkziekte zijn en dat is acuut.
  • De teef wil niet eten of drinken in de dagen rond de bevalling.

Wat je klaarzet

Zet uiterlijk rond dag 50 klaar: de werpkist met opstapstrips en absorberende onderleggers, schone handdoeken, een digitale thermometer, ontsmet touw of onbehandelde tandzijde om navelstrengen af te binden, een keukenweegschaal om pups te wegen, en het telefoonnummer van je dierenarts én de dichtstbijzijnde spoedkliniek.

Overleg vooraf met je dierenarts hoe je buiten kantooruren contact opneemt. Bevallingen houden zich zelden aan openingstijden.

Veelgestelde vragen over dracht bij honden

Een hond is gemiddeld 63 dagen drachtig, gerekend vanaf de dekdatum. De normale spreiding loopt van dag 58 tot en met dag 68. Gerekend vanaf de ovulatie is de draagtijd juist heel constant op ongeveer 63 dagen — de spreiding komt vooral doordat de bevruchting enkele dagen na de dekking kan plaatsvinden.

De berekende datum is een gemiddelde; de werkelijke bevalling kan ongeveer vijf dagen eerder of later vallen. Dat komt doordat de dekdatum niet gelijk is aan het bevruchtingsmoment. Wil je het preciezer weten, dan kan de dierenarts via progesteronbepaling in het bloed het ovulatiemoment vaststellen. Vanaf dat punt is de voorspelling aanzienlijk scherper.

Een echo is betrouwbaar vanaf dag 25 tot 28, wanneer de hartslagjes zichtbaar worden. Daarmee bevestig je de dracht. Voor het tellen van het aantal pups is een röntgenfoto vanaf dag 45 geschikter: dan zijn de skeletjes voldoende verkalkt om betrouwbaar te tellen. Een echo telt onnauwkeurig.

De lichaamstemperatuur daalt 12 tot 24 uur voor de bevalling met ongeveer één graad, vaak tot onder 37,5 graden Celsius. Meet daarom vanaf dag 55 twee keer per dag op vaste tijden en let op de daling ten opzichte van haar eigen normaalwaarde. Andere signalen zijn nesteldrang, rusteloosheid, hijgen, krabben in de werpkist en weinig eten.

Bel bij meer dan twee uur tussen twee pups terwijl er nog meer verwacht worden, bij hevige weeën die langer dan 30 tot 60 minuten duren zonder dat er een pup komt, bij donkergroene afscheiding vóór de eerste pup, bij helderrood bloedverlies, of als de hond na dag 68 nog niet gewelpt heeft. Groene afscheiding ná de eerste pup is wel normaal.

De gemiddelde draagtijd is bij alle rassen ongeveer 63 dagen. Wat verschilt is de spreiding en het aantal pups: kleine rassen krijgen gemiddeld twee tot vijf pups, reuzenrassen zeven tot twaalf. Een vuistregel die vaak opgaat: hoe groter het nest, hoe eerder de bevalling, doordat de bevalling deels op gang komt door signalen vanuit de pups zelf.

Tot ongeveer dag 42 heeft ze nauwelijks meer nodig dan normaal — eerder meer voeren geeft alleen overgewicht en maakt de bevalling zwaarder. Daarna loopt de behoefte op tot ongeveer 150 procent in de laatste week, en tijdens het zogen tot 200 à 300 procent. Stap in de tweede helft over op puppyvoer of drachtvoer en verdeel de portie over meer maaltijden.

Nee, niet zonder uitdrukkelijk advies van je dierenarts. Extra calcium tijdens de dracht verstoort de hormonale regeling van de calciumhuishouding, waardoor de kans op melkziekte (eclampsie) na de bevalling juist toeneemt — een acuut levensbedreigende aandoening. Compleet puppyvoer bevat alles wat nodig is.

Een werpkist heeft opstapstrips langs de binnenkant om te voorkomen dat de moeder een pup tegen de wand verdrukt, een lage instaprand zodat zij er makkelijk in en uit kan, en voldoende ruimte om uitgestrekt te liggen. Bekleed hem met absorberende onderleggers. Zet de kist één tot twee weken voor de uitgerekende datum neer zodat ze eraan went.

Scroll naar boven